Theocratisch

Plato, "Crito" (4e eeuw voor Christus)

De Crito is een tweegesprek tussen Socrates en Crito, in de gevangenis, de dag voordat Socrates terecht zal worden gesteld. Crito probeert Socrates ervan te overtuigen dat deze moet vluchten nu het nog kan; hijzelf en andere vrienden zullen de bewakers wel omkopen. Socrates ziet daar niets in, en er ontstaat een discussie over de vraag wat nu eigenlijk het goede is om te doen.

Plato, "Apologie" (4e eeuw voor Christus)

De Apologie of Verdediging van Socrates is geen dialoog, maar een serie redevoeringen die Socrates uitspreekt tijdens de rechtszaak die tegen hem is aangespannen. Of het verhaal erg lijkt op wat Socrates in werkelijkheid gezegd heeft, of dat Plato veel ervan verzonnen heeft, dat valt lastig te bepalen. Ergens ligt het voor de hand dat Plato zich bij een publieke redevoering het meest heeft gehouden aan de historische gebeurtenissen, maar zeker weten kunnen we het niet.

Plato, "Euthyphro" (4e eeuw voor Christus)

De Euthyphro is onder filosofen vooral bekend vanwege het zogenaamde Euthyphro-dilemma, dat getransponeerd naar een modern monotheïsme als volgt gaat: "is het goede dat wat God beveelt, of beveelt God dat wat het goede is"? Beide posities zijn lastig. In het eerste geval zijn de bevelen van God willekeurig, en is het onduidelijk in welke zin God rationeel, wijs of goed zou kunnen zijn. In het tweede geval is er een morele standaard die boven God uitstijgt en die hij kennelijk niet kan veranderen, wat moeilijk te rijmen valt met zijn almacht en soevereiniteit.

Anoniem, "Gilgamesj-epos" (rond 1200 v. Chr.)

Eigenlijk is alles wat er in de titel van dit artikel staat maar half waar. Het Gilgamesj-epos zoals wij dat vandaag de dag lezen is een specifieke versie, de 'standaardversie' die rond 1200 in elkaar is gezet, in het Akkadisch, door ene Sin-leqe-oennini, die daarbij gebruik maakte van verhalen die gedeeltelijk al rond 2000 verteld werden. Maar aangezien we alleen maar kapotte kleitabletten hebben, is die standaardversie aangevuld met allerlei andere fragmenten, sommige (veel) ouder, andere jonger, en in verschillende talen geschreven.

Anoniem, "Beowulf" (8e eeuw - 11e eeuw?)

Net zoals de Ilias is de Beowulf geobsedeerd door de vraag wat de juiste manier van handelen is in een samenleving die draait om eer verkregen bij gevechten. Homeros staat vooral stil bij de vraag wat er gebeurt wanneer deze sociale orde wordt geschonden, en of de idealen eigenlijk wel in deze vorm houdbaar zijn. De anonieme auteur van Beowulf lijkt, ook al is hij een Christen die schrijft over heidenen, minder twijfels te koesteren over de juistheid van de sociale normen.

Euripides, "Medea" (431 vC)

Ooit heb ik een schoolonderzoek gedaan over Medea, dus dit is zonder meer de eerste klassieke tragedie waarmee ik kennis heb gemaakt. Ditmaal ben ik echter niet zo ambitieus geweest het Grieks erbij te pakken: Philip Vellacott heeft dat voor mij gedaan en er een lekker lopende Engelse vertaling van gemaakt.

Aeschylos, "Prometheus geboeid" (5e eeuw voor Christus)

Dit is een waanzinnig stuk. Helemaal in het begin wordt Prometheus aan een rots geketend omdat hij Zeus woedend heeft gemaakt, en daar komt hij vervolgens ook nooit meer vanaf. We krijgen vooral, in soms zelfs in vertaling (van Philip Vellacot) geniale poëzie, te horen wat Prometheus dan precies gedaan heeft; hoe hij wraak gaat nemen op Zeus; en hoe hij nog veel erger door Zeus gestraft gaat worden. Daarnaast komt Io nog een keer langs, om te vertellen welke martelingen ze wel niet allemaal heeft moeten doorstaan door toedoen van Zeus.

Juvenalis, "Satiren", IX tot XVI

Juvenalis wordt niet per se beter naarmate hij ouder wordt, hoewel Satire IX nog wel erg leuk is. Hij heeft hier een gesprek met een vriend van hem die tot nog toe aan de kost is gekomen als gigolo maar de toekomst somber inziet. Met name is hij verbolgen op de rijke homoseksueel Virro, die verkikkerd was op hem en zijn gigantische lid, maar die hem niet wil belonen met een inkomen of iets dergelijks. Ik heb je toch al genoeg betaald?, is het verweer van Virro.

"Well," I say, "fetch the accountant
With his reckoner and tables, tot up the total figure:

Juvenalis, "Satiren", VI tot VIII

Het is de beroemdste satire, Satire VI, en ook de langste. Waar kan die over gaan? Vrouwen, natuurlijk. Het idee is dat Juvenalis zijn vriend Postumus waarschuwt om nooit te trouwen, aangezien daar alleen maar narigheid van komt:

... Postumus, are you really
Taking a wife? You used to be sane enough -- what
Fury's got into you, what snake has stung you up?
Why endure such bitch-tyranny when rope's available
By the fathom, when all those dizzying top-floor windows
Are open for you, when there are bridges handy

Juvenalis, "Satiren", I tot V

Het Rome van Juvenalis is het Rome van Petronius: rauw en smerig, een ketel van lusten en onlusten, een gigantische kloof tussen arm en rijk, een circus van decadentie en geweld. Maar waar Petronius een avonturenverhaal schrijft, daar geeft Juvenalis ons morele kritiek -- vaak grappig, maar boos en verongelijkt. Je krijgt een beetje het idee dat hij vooral schrijft uit ressentiment.

Syndicate content